Drukke Duitsers (2)

Duitse ondernemers in Barcelona in de vijftiende eeuw.

Dit is het tweede deel van een vertaling van een artikel geschreven door Vic hoogleraar Manuel Llanas en gepubliceerd in barcelona metròpolis mediterrània. Het is misschien iets minder thrilling dan deel één, maarja.

(Qua uitdrukkingswijzen ben ik steeds meer overeenkomsten gaan zien tussen het Catalaans en het Nederlands, al weet ik niet of wij dit te danken hebben aan het gebruik van het volkslatijn in beide landen in de Middeleeuwen of aan overblijfselen van de Spaanse overheersing. Toch zit ik nog heel erg te struikelen met verschillen van syntaxis, en het gebruik der tijden door sommige Catalaanse auteurs maakt me uiterst ongelukkig. Soms krijg ik het gevoel dat hier men zich meer op spelling dan structuur concentreert, maar ik moet ook nog veel leren.)

Boekhandelaren, de eerste uitgevers

Vanouds verkochten boekhandelaren perkament, papier, blanco boeken, en pennen en andere schrijfgereedschap. Ze maakten ook banden, bovenal van volumes van blanco vellen, en deze activiteit was hen zo eigen dat kandidaatleden van het gilde waarin ze zich verenigden hun bekwaamheid in deze kunst moesten demonstreren. (Deze traditie leeft vandaag nog voort: normaal gesproken, vertrouwt man boeken die moeten worden ingebonden aan boekhandelaren toe, en niet rechtstreeks aan vaklui.) Deze goederen waren – en bleven – de basis van de handel, die werd gecompleteerd met het verkoop van enkele boeken in manuscript. Doch, het verschijnen van de drukpers verruimde op aanzienlijke wijze de mogelijkheden. Bijvoorbeeld, van nu af aan is een van de hoofdactiviteiten van boekhandelaren het vercommercialiseren van buitenlandse boeken in het Latijn – klassieken en theologie, en boeken over recht en medicijnen – sommige waarvan ook de meest gevraagd zijn in de universitaire en ecclesiastische wereld. Dit dwingt ze om zich te verplaatsen richting noorden, waar er meer krachtige drukkersbedrijven zijn, of aldaar nauwe contacten te onderhouden.

Waren de drukkers van de vijftiende en zestiende eeuwen over het algemeen buitenlanders, het boek- en uitgeefbedrijf bevindt zich normaal gesproken in handen van autochtonen. Het is heus niet nodig om naar andere redenen te zoeken dan het feit van de lange traditie van de lokale boekhandel, die, wanneer de drukpers haar intrede doet, een ander soort boek erbij doet, zich aan het meer intensieve handelsverkeer aanpast en haar investeringen diversificeert. De levensloop van de drukpers, verschenen en verspreid in de begindagen van het kapitalisme, is in feite onafscheidelijk van de voordelen die sommige kooplui of handelaren hoopten te realiseren met hun investeringen. En dit was zo vanaf het begin, toen de welvarende koopman Johann Fust zich eerst verenigde met Gutenberg en later, in bezit van materiaal van Gutenberg bij wijze van tegemoetkoming voor niet terugbetaalde schulden, relaties onderhield met een andere typograaf, Peter Schöffer. Het was altijd normaal, dan, dat uit een drukbedrijf twee hoofdrolspelers zou bestaan, een drukkunsttechnicus en een kapitalistische vennoot, omdat de eerste zelden over voldoende middelen beschikte om typografische materialen en papier te kopen en om de arbeiders op de werkplaats te betalen voordat hij zijn investeringen terug begon te verdienen met het verkoop van boeken.

In deze contekst, uitgevers komen uit diverse omgevingen voort, van arbeiders tot en met beoefenaren van de vrije beroepen: het zijn winkeliers, juristen, goudsmeden, apothekers, kanunniken, notarissen en, in het bijzonder, boekhandelaren, die het gros van de uitgaves voor hun rekening nemen. Hun namen worden ons bekend zowel door uitgeefcontracten als door de colofons van boeken. Dus, terwijl de eerste Catalaanse uitgeverij is waarschijnlijk opgericht door Joan Ramon Corró, die in 1480 een niet bewaarde Barcelonese editie van Aristoteles contracteert met de drukker Spindeler, de eerste gedocumenteerde uitgever verschijnt in het colofon van het eerste boek te worden gedrukt in het Catalaans te Catalonië, El Regiment de Prínceps. Het betreft een volume gedrukt in 1480 “op kosten van de eerbiedwaardige Joan Sa Coma, boekverkoper”. Zowel Corró als Sa Coma waren, zoals wij weten, boekhandelaren en, ook, bekeerde Joden die werden vervolgd door de Inquisitie. Pere Miquel – boekhandelaar, doch tevens uitgever en drukker – die in een document uit 1489 met de drukker Joan Gherlinc een niet bewaarde volume van daggetijden contracteert. Tussen onze eerste uitgevers figureren ook kooplui, soms autochtonen, zoals Mateu Vendrell, die de Gironese editie van Lo pecador remut (1483) en de Barcelonese editie van La Visió Delectable (1484) betaalt, en soms allochtonen, zoals de Genoaanse Italiaan, Jeroni Nigro (of Negro, die in 1486 een contract tekent met Joan Gherlinc), of de Duitser, Franz Ferber, voor wiens rekening, bijvoorbeeld, in 1498 te Barcelona een andere editie van El Regiment de Prínceps werd gedrukt. Ondanks de onvermijdelijke beperkingen van een kleine markt, met een gebrek aan grote investeringen, de activiteit onder Catalaanse uitgevers en boekhandelaren moet merkwaardig zijn geweest. Boekconsumptie was, uiteraard, veel hoger dan het aanbod van de plaatselijke producenten, omdat, zoals opgemerkt, veel van het voorraad van boekenwinkels werd geïmporteerd. Op deze manier wordt ingehuldigd een traditie – van als uitgevers doublerende boekhandelaren en omgekeerd – die tussen ons overleeft tot aan het begin van de twintigste eeuw. Nauw genomen is het gewoon dat tot de industriele revolutie zich consolideert de rollen van drukker, boekhandelaar en uitgever worden door elkaar gehaald, omdat veel vaklui alle drie functies uitoefenen, hetzij gelijktijdig of opeenvolgend.

Similar posts

  • Drukke Duitsers (1)
    Jaume wordt me even te veel vandaag. Waarom? Stress, omdat ik geen drukker weet te vinden hier die (a) een computer
  • oververhit
    De postbode te Liencres (Santander) is overleden aan een zonnesteek, maar de bejaarden hier sterven als muggen. Eergisteren werden er 118
  • Zwarte film enzovoort
    Ik ga vanmiddag naar het film noir festival te Manresa om Parranda (1977) te zien en dan naar director Gonzalo Suárez
  • Dr Andreu en z’n toverpillen
    Een man loopt de apotheek binnen en zegt dat z’n keel zeer doet. Zegt de apotheker: “Ik heb wat pillen van
  • Sommige van mijn beste vrienden…
    John Chappell heeft een goede polemiek (2003/06/09) over de uitspraken van een van de kandidatvoorzitters van Barça. Meneer Llauradó heeft de


Comments

Your email address will not be published. Required fields are marked *